Appelboomgaard met drie elementen gelabeld als dividend, winstgroei en waardering, ter illustratie van het rendement van een aandeel

Rendement aandelen berekenen: zo doe je dat, met Shell

October 31, 2026

Kijk, als je als ondernemer een bedrijf overneemt, vraag je niet wat de buurman er vorige week voor betaalde. Je wilt weten wat het bedrijf verdient, hoeveel daarvan in jouw zak belandt en wat een volgende koper er over een paar jaar redelijkerwijs voor neertelt. Bij aandelen doen veel beleggers precies het omgekeerde, want ze staren naar een koersgrafiek en hopen dat de lijn omhoog blijft wijzen. Wie het rendement van een aandeel wil inschatten, kan beter denken als een overnemer dan als iemand die gokt op de paardenrennen.

Het rendement van een aandeel komt uit drie bronnen, namelijk het dividend dat je ontvangt, de groei van de winst per aandeel en de verandering in waardering. Tel die drie bij elkaar op en je hebt een verwacht rendement dat je kunt toetsen, bijstellen en vergelijken met andere kansen. Rendement aandelen berekenen is dus gewoon ondernemersrekenwerk.

Dat klinkt simpel. En dat is het ook, zolang je eerlijk bent over elke bron.

In dit artikel laat ik zien hoe je die rekensom maakt, waarom de waardering de grote jokerkaart in het spel is en hoe het geheel uitpakt voor Shell. Dat is een aandeel dat bijna elke Nederlandse belegger wel eens in portefeuille heeft gehad, of in ieder geval op een verjaardag heeft horen aanprijzen door een oom met een uitgesproken mening over olie.

Appelboomgaard met drie elementen gelabeld als dividend, winstgroei en waardering, ter illustratie van het rendement van een aandeel

Uit welke onderdelen bestaat het rendement van een aandeel?

Vergelijk een aandeel met een appelboomgaard die je koopt. Elk jaar pluk je appels, de bomen worden groter en dragen meer vrucht, en op een dag verkoop je de boomgaard aan iemand die er een bepaald bedrag per boom voor overheeft. Die drie dingen samen bepalen wat jij aan de boomgaard verdient, en bij een aandeel werkt het precies zo.

De appels zijn je dividend. De groeiende bomen zijn de winstgroei per aandeel, en de prijs per boom die de volgende koper betaalt, is de waardering, meestal uitgedrukt als de koerswinstverhouding of K/W. Wie een van die drie vergeet, rekent zich rijk of juist arm.

John Bogle maakte deze optelsom populair onder beleggers. Hij splitste aandelenrendement in een ondernemingsdeel, namelijk dividend plus winstgroei, en een speculatief deel, namelijk de verandering in de K/W. Over zijn voorliefde voor indexfondsen verschil ik flink met hem van mening, maar zijn rekensom klopt als een bus.

Verwacht rendement = dividendrendement + groei van de winst per aandeel + verandering in waardering.

Die drie bronnen hebben elk een eigen karakter. De ene is redelijk voorspelbaar, de andere gedraagt zich als het Nederlandse weer in april.

BronWat het isVoorspelbaarheidWaar je naar kijkt
DividendrendementDividend per aandeel gedeeld door de koersRedelijk goedUitbetalingsratio, vrije kasstroom, dividendhistorie
Winstgroei per aandeelGroei van de nettowinst gedeeld door het aantal uitstaande aandelenMatigOmzetgroei, marges, inkoop van eigen aandelen
HerwaarderingVerandering in wat beleggers per euro winst willen betalenSlecht op korte termijnHuidige K/W versus eigen historie en sectorgenoten

Achter die optelsom zit een tweede formule die je eigenlijk altijd in je achterhoofd wilt houden. De koers van een aandeel is gewoon de winst per aandeel (WPA) vermenigvuldigd met de K/W. Een bedrijf met €3 winst per aandeel en een K/W van 10 noteert dus op €30.

Neem aan dat die winst een jaar later is gegroeid naar €3,30, een keurige groei van 10%. Blijft de K/W op 10, dan staat de koers op €33 en heb je 10% koerswinst. Zakt de K/W naar 9 omdat beleggers somberder worden over de sector, dan noteert het aandeel op €29,70.

Het bedrijf leverde, en toch sta jij op een klein verlies.

Dat is geen theorie, zo gaat het op de beurs elke dag, hè. Wie dit eenmaal ziet, kijkt nooit meer op dezelfde manier naar een koersgrafiek, omdat je bij elke beweging gaat vragen welke van de twee knoppen er aan het draaien is.

Wat is het verschil tussen dividendrendement en totaalrendement?

Nou, eerst even terug naar de basis, want hier gaat het in de praktijk het vaakst mis. Veel beleggers die ik spreek, kennen hun koerswinst tot op de euro, maar weten niet meer hoeveel dividend ze in de afgelopen jaren hebben ontvangen. Dat is net zoiets als een ondernemer die zijn omzet uit zijn hoofd kent maar geen idee heeft van zijn kasstroom.

Het dividendrendement is simpelweg het dividend per aandeel gedeeld door de koers. Een aandeel van €30 dat €1,20 per jaar uitkeert, heeft een dividendrendement van 4%. Totaalrendement telt daar de koersverandering bij op, waardoor je ziet wat het aandeel jou als eigenaar werkelijk heeft opgeleverd.

Totaalrendement = (verkoopkoers min aankoopkoers plus ontvangen dividend) gedeeld door de aankoopkoers.

Een eenvoudig rekenvoorbeeld maakt het tastbaar. Je koopt een aandeel voor €30, ontvangt in een jaar €1,20 dividend en de koers staat na twaalf maanden op €32. Je verdient op dat moment €2 aan koerswinst plus €1,20 aan dividend, samen €3,20, wat neerkomt op een totaalrendement van 10,7%.

Daarvan komt 4% uit dividend en ruim 6,7% uit de koers. Kijk je alleen naar de koers, dan mis je ruim een derde van je opbrengst. Economen Elroy Dimson, Paul Marsh en Mike Staunton lieten in hun boek Triumph of the Optimists zien dat herbelegd dividend over ruim een eeuw verantwoordelijk was voor een flinke deel van het totale aandelenrendement.

Wil je over meerdere jaren meten, inclusief tussentijdse stortingen en opnames, dan vind je de rekenmethodes terug in ons stuk over de formule om rendement te berekenen met drie methodes. Daar ga ik hier niet opnieuw op in, want dit artikel kijkt vooruit en per aandeel.

Eén ding wil ik je wel meegeven voor het terugkijken. Ontleed je behaalde rendement in dezelfde drie bronnen, zodat je weet of je winst uit het bedrijf kwam of uit de stemming van de markt.

Een aandeel dat 40% stijgt omdat de winst 40% groeit, heeft een heel ander risicoprofiel dan een aandeel dat 40% stijgt omdat beleggers ineens bereid zijn 40% meer per euro winst te betalen. In het eerste geval staat er iets tastbaars tegenover. In het tweede geval leen je in feite rendement uit de toekomst, en die rekening komt een keer op de mat.

Hoe bereken je het verwachte rendement van een aandeel?

In mijn eerste jaren als belegger kocht ik aandelen op basis van een goed verhaal. Daar heb ik flink leergeld voor betaald, want een goed verhaal zonder rekensom is gewoon een duur verhaal. Tegenwoordig maak ik voor elk aandeel dat op mijn lijst komt eerst een eenvoudige schatting van het verwachte rendement, en dat kost me hooguit een kwartier.

Die schatting bouw je in vier stappen op. Je hebt er geen dure software voor nodig, een jaarverslag en een rekenmachine volstaan.

  1. Bepaal het dividendrendement. Neem het verwachte dividend voor de komende twaalf maanden en deel dat door de huidige koers. Kijk daarbij ook naar de uitbetalingsratio, dus welk deel van de winst of vrije kasstroom het bedrijf uitkeert, want een dividend dat niet uit de kasstroom komt, staat op lemen voeten.
  2. Schat de groei van de winst per aandeel. Kijk naar de groei van de afgelopen vijf tot tien jaar, naar de omzetgroei, naar de ontwikkeling van de marges en naar de inkoop van eigen aandelen. Een bedrijf dat jaarlijks 5% van zijn aandelen inkoopt, laat de winst per aandeel met ruim 5% stijgen, ook als de totale winst gelijk blijft.
  3. Kies een aanname voor de waardering. Ga uit van nul procent herwaardering, tenzij je een goede reden hebt om iets anders te denken. Vergelijk de huidige K/W met het eigen gemiddelde van het aandeel en met sectorgenoten, waarbij een K/W die ver boven het historische gemiddelde ligt eerder een rem dan een motor is.
  4. Tel op en neem een veiligheidsmarge. Tel de drie bronnen bij elkaar op en haal er voor de zekerheid een procentpunt af. Komt er dan nog steeds een mooi rendement uit, dan is het aandeel het waard om verder te onderzoeken.

Deze optelsom heeft een stevige wetenschappelijke basis. Econoom Myron Gordon publiceerde in 1959 zijn dividendgroeimodel, waarin het verwachte rendement gelijk is aan het dividendrendement plus de verwachte groei van het dividend. Dat model gaat ervan uit dat de waardering constant blijft, waardoor de derde bron netjes op nul staat.

In de praktijk blijft die waardering zelden stil, en daarom voeg je haar als aparte post toe. Zo houd je het ondernemingsdeel en het speculatieve deel van elkaar gescheiden, waardoor je precies ziet hoeveel van je verwachting op een gok rust.

Pas wel op voor één klassieke valkuil, namelijk dubbeltellen. De inkoop van eigen aandelen kun je meetellen in de groei van de winst per aandeel of optellen bij het dividendrendement als een soort extra uitkering, maar nooit allebei. Wie beide doet, rekent zich een procent of twee rijker dan de werkelijkheid, en dat merk je pas jaren later.

Een verwacht rendement is geen belofte. Het is een meetlat waarmee je eerlijk vergelijkt wat je betaalt met wat je terugkrijgt.

Wil je dieper in de eerste bron duiken, dan helpt ons artikel over dividendrendement berekenen en zelf 5 tot 7% opbouwen. Daar zie je ook hoe je beoordeelt of een hoog dividendrendement een kans is of juist een waarschuwingssignaal.

Hoe beïnvloedt de koerswinstverhouding het aandelenrendement?

Warren Buffett vergeleek rente ooit met zwaartekracht voor de waarde van beleggingen. Hoe hoger de rente, hoe harder alles naar beneden wordt getrokken, omdat winsten die pas over tien jaar binnenkomen vandaag minder waard zijn. En die zwaartekracht grijpt precies aan op de derde bron, de K/W.

Eind oktober 2026 zag je dat mechanisme live aan het werk. Technologiefondsen kregen een flinke tik nadat Alphabet volgens Bloomberg zijn slechtste beursdag in meer dan twintig jaar beleefde en Amazon hogere investeringen in AI meldde dan verwacht. Tegelijk stegen de Amerikaanse consumentenprijzen in september met 3,6% en hield de Federal Reserve de deur open voor renteverhogingen, terwijl Fed-voorzitter Warsh waarschuwde dat een hogere rente doorsijpelt in de investeringen in AI.

Wat er op zo'n moment gebeurt, is zelden dat de winst van die bedrijven instort. Beleggers zijn gewoon minder bereid om veel te betalen voor winst die nog ver weg ligt, waardoor de K/W krimpt en de koers mee omlaag gaat.

Hoe gevoelig je eindresultaat is voor die derde bron, zie je in de onderstaande vergelijking. Beide scenario's gaan uit van een belegging van €100.000 over tien jaar, waarbij het dividend is herbelegd.

ScenarioDividendWinstgroei per aandeelHerwaarderingTotaal per jaar€100.000 na 10 jaar
Basis4%4%+1%9%bijna €237.000
Tegenvaller4%2%−2%4%ruim €148.000

In het basisscenario groeit je €100.000 naar bijna €237.000, een groei van ruim €136.000. In het tegenvallende scenario blijft het steken op ruim €148.000, een groei van zo'n €48.000.

Dat scheelt bijna €89.000.

En kijk eens naar de oorzaak. Het dividend is in beide scenario's identiek, de winstgroei valt wat tegen en de waardering draait van een kleine meewind naar een stevige tegenwind. Een paar procentpunten verschil per jaar lijkt onschuldig, maar over tien jaar is dat het verschil tussen een mooie winst en een teleurstelling.

Onderzoek van John Campbell en Robert Shiller bevestigt dit patroon voor de aandelenmarkt als geheel. In hun studie uit 1998 lieten ze zien dat een hoge waardering ten opzichte van de historische winst gemiddeld samengaat met lagere rendementen in de jaren daarna. Een hoge K/W lost zich vroeg of laat op, ofwel doordat de winst inhaalt, ofwel doordat de koers terugzakt.

Vergelijk het met een huis dat je koopt op het hoogtepunt van een biedingsoorlog. De huur die je kunt vragen verandert niet omdat jij €50.000 te veel hebt betaald, en dat overbetaalde stuk verdien je alleen terug als de volgende koper net zo gek is als jij.

Wat dat betreft nog een kanttekening bij een verhaal dat rond deze tijd elk jaar opduikt. Er circuleren weer lijstjes die laten zien dat november historisch een sterke maand is voor de S&P 500. Leuk voor op een verjaardag, maar een seizoenspatroon is net een weerspreuk, het zegt iets over gemiddelden uit het verleden en niets over wat jouw aandeel de komende tien jaar verdient.

Wat is het verwachte rendement van Shell aandelen?

Shell is een prachtig lesvoorbeeld, juist omdat het aandeel alle drie de bronnen in de afgelopen tien jaar van hun beste en slechtste kant heeft laten zien. Wie Shell alleen kent als het stabiele dividendaandeel uit de portefeuille van zijn vader, mist de helft van het verhaal. Goed, eerst de geschiedenis, want die zegt veel over hoe betrouwbaar elke bron is.

Van 2014 tot en met 2019 keerde Shell elk kwartaal $0,47 per aandeel uit, ofwel $1,88 per jaar. Dat dividend bleef jarenlang gelijk, dus de dividendgroei stond op nul. Veel beleggers vonden het hoge dividendrendement prachtig en keken minder naar de vraag of dat dividend nog uit de kasstroom kwam.

In april 2020 kwam de klap. Midden in de coronacrisis, met een ingestorte olieprijs, verlaagde Shell het kwartaaldividend naar $0,16, een verlaging van ongeveer twee derde en de eerste dividendverlaging sinds 1945. De koers was in dat jaar op het dieptepunt ruim gehalveerd ten opzichte van begin 2020.

Op dat moment vielen alle drie de bronnen tegelijk om. Het dividend kromp, de winst verdampte en beleggers wilden nog maar weinig betalen voor een oliebedrijf in een tijd waarin iedereen over de energietransitie sprak.

Een hoog dividendrendement is pas een bron van rendement als de kasstroom het kan dragen. Anders is het gewoon een rood lampje dat vrolijk knippert.

Daarna veranderde er veel. Begin 2022 vereenvoudigde Shell zijn aandelenstructuur, liet het de naam Royal Dutch vallen en verhuisde het hoofdkantoor naar Londen. Shell bouwde het dividend stap voor stap weer op en voert inmiddels een progressief dividendbeleid met jaarlijkse verhogingen van rond de 4%, terwijl het daarnaast elk kwartaal voor miljarden dollars eigen aandelen inkocht.

Op de kapitaalmarktdag van maart 2025 verhoogde Shell de doelstelling voor uitkeringen aan aandeelhouders naar 40% tot 50% van de operationele kasstroom. Dat bedrag gaat deels naar dividend en deels naar inkoop, en die inkoop drukt het aantal uitstaande aandelen, waardoor de winst per aandeel sneller groeit dan de totale winst.

Nu de rekensom. Voor dit voorbeeld gaan we uit van de aannames die de redactie hanteert, dus een dividendrendement van circa 4%, een groei van de winst per aandeel van circa 4% en een herwaardering van circa 1% per jaar.

  • Dividend 4%. Dit sluit aan bij het niveau waarop Shell zich de afgelopen jaren bewoog, maar hangt sterk af van de koers op het moment dat jij instapt.
  • Winstgroei per aandeel 4%. Deze groei komt niet zozeer uit een stijgende olieproductie, maar vooral uit kostenbesparingen en het steeds kleinere aantal aandelen door inkoop.
  • Herwaardering 1%. Shell noteert al jaren tegen een lagere waardering dan Amerikaanse sectorgenoten zoals ExxonMobil en Chevron, iets wat het management zelf openlijk heeft benoemd. Een klein deel van die kloof dichten levert meewind op.

Samen kom je op een verwacht totaalrendement van circa 9% per jaar. Belegd over tien jaar groeit €100.000 op dat tempo naar bijna €237.000, zoals je in de tabel hierboven al zag.

Kijk je vooral naar de eerste bron, dan wordt het nog concreter. Met €250.000 in een aandeel met een dividendrendement van 4% ontvang je in het eerste jaar €10.000 aan dividend, ofwel zo'n €833 per maand, en bij een jaarlijkse dividendgroei van 4% stijgt dat inkomen elk jaar een stukje verder. Het geld werkt dan voor jou, terwijl je zelf gewoon je bedrijf runt.

Maar eerlijk is eerlijk, dit rekenvoorbeeld rust op aannames die ook kunnen tegenvallen. Bij Shell zie ik vijf risico's die rechtstreeks op de drie bronnen inwerken.

  • Olieprijs en gasprijs. De winst van Shell beweegt mee met de grondstofprijzen, waardoor een gemiddelde groei van 4% in de praktijk een zigzaglijn is met flinke uitschieters naar boven en beneden.
  • Energietransitie. Op lange termijn kan de vraag naar olie en gas afnemen, en beleggers prijzen dat risico in via een lage K/W. Die herwaardering van 1% kan dus ook negatief uitvallen.
  • Valuta. Shell maakt zijn dividend bekend in dollars. Als Nederlandse belegger ontvang je euro's, waardoor een zwakkere dollar je dividend in euro's kan laten krimpen.
  • Politiek. Overheden grijpen bij hoge energieprijzen graag naar extra heffingen, zoals de Britse Energy Profits Levy uit 2022, wat de winst per aandeel direct raakt.
  • Precedent. Shell heeft in 2020 laten zien dat het dividend niet heilig is wanneer de kasstroom wegvalt, en dat geheugen blijft in de koers hangen.

De les uit Shell is dus niet dat het aandeel goedkoop of duur is. De les is dat je bij elke bron moet weten waar die vandaan komt en hoe stevig die staat. Een uitgebreider verhaal over de betrouwbaarheid van de uitkering vind je in ons artikel over Shell dividend als betrouwbaar inkomen of tijdelijke hype.

Tijdlijn van het Shell-dividend per kwartaal, met een vlakke lijn op $0,47 van 2014 tot 2019 en de verlaging in 2020

Welk rendement heb je minimaal nodig en waarom blijft passief achter?

Een verwacht rendement heeft pas betekenis als je het naast een ondergrens legt. Die ondergrens is de inflatie, en die is de afgelopen jaren hardnekkiger gebleken dan veel beleggers hadden gehoopt. Wie daar onvoldoende boven zit, rent hard maar komt nergens.

Het is net als een bekertje met gaatjes. Bij een inflatie van 3% per jaar houd je van €100.000 na tien jaar in koopkracht nog maar rond de €74.000 over, een verlies van ongeveer een kwart. En jij maar rennen met je bekertje, terwijl het geld er onderin gewoon uitlekt.

Een verwacht rendement van 4%, zoals in het tegenvallende scenario, laat na inflatie dus weinig over. Pas wanneer de drie bronnen samen ruim boven de inflatie uitkomen, bouw je werkelijk vermogen op.

Nou zullen sommige lezers zeggen dat ze dit hele rekenwerk kunnen overslaan door gewoon de index te volgen. Een brede Amerikaanse index heeft over de lange termijn gemiddeld zo'n 10% per jaar opgeleverd, dat klopt. Maar dat gemiddelde verbergt jaren als 2008, toen de S&P 500 inclusief dividend zo'n 37% verloor, en als passieve belegger zit je daar gewoon de hele rit bij, zonder enige bescherming.

Een indexbelegger koopt bovendien alles, ook de aandelen met een opgeblazen K/W. Juist de derde bron, die je net zo zwaar zag wegen, krijg je dan ongefilterd mee, inclusief alle lucht die er bij een rentestijging uit kan lopen. Je betaalt dus voor de appels, de groeiende bomen en de te hoge prijs per boom in één pakket.

Wie het verwachte rendement per aandeel berekent, scheidt het kaf van het koren. Wie de index koopt, neemt het kaf er gratis bij.

Daarom werken we bij Beleggen.com met een combinatie van selectie en timing. De optelsom van de drie bronnen vertelt je welk aandeel op papier een mooi rendement belooft. Trendvolgen en momentum vertellen je vervolgens of de markt het met je eens is, en wanneer je beter even aan de kant kunt staan.

Dat is niet mijn mening, dat zijn de feiten uit onderzoek. Narasimhan Jegadeesh en Sheridan Titman toonden in 1993 aan dat aandelen die over de voorgaande drie tot twaalf maanden het sterkst stegen, in de maanden daarna gemiddeld beter bleven presteren. Mebane Faber liet in 2007 zien dat een eenvoudige trendregel op basis van een voortschrijdend gemiddelde over tien maanden een vergelijkbaar rendement opleverde als kopen en vasthouden, maar met duidelijk minder diepe dalingen.

Krimpt de K/W van een aandeel, dan zie je dat meestal eerst terug in een gebroken trend. Op dat moment stap je gewoon uit, nog voordat de herwaardering je hele rendement opeet. Hoe je de juiste kandidaten vindt om dit op toe te passen, lees je in ons artikel over kwaliteitsaandelen selecteren met een selectiemodel in vier stappen.

Wat kun je nu doen?

Het rendement van een aandeel inschatten draait niet om een ingewikkelde spreadsheet. Je telt dividend, winstgroei per aandeel en herwaardering bij elkaar op, je bent eerlijk over elke aanname en je weet welk deel van je verwachting op een gok rust. Dat is de kern, niet wat de markt vandaag doet, maar wat jij ermee doet.

Wil je hier zelf mee aan de slag, dan zijn dit vijf dingen die het waard zijn om te onderzoeken.

  1. Ontleed je huidige posities. Neem de drie grootste aandelen in je portefeuille en zoek uit welk deel van hun rendement uit dividend, winstgroei en waardering kwam. Zo zie je meteen of je winst op iets tastbaars rust.
  2. Maak voor elk nieuw aandeel een eigen optelsom. Overweeg om voor elk aandeel op je verlanglijst de vier stappen uit dit artikel te doorlopen voordat je instapt, inclusief een veiligheidsmarge van een procentpunt.
  3. Vergelijk de K/W met de eigen historie. Onderzoek of de huidige waardering boven of onder het langjarige gemiddelde ligt, want dat bepaalt of de derde bron meewind of tegenwind geeft.
  4. Toets de dividendbron aan de kasstroom. Kijk welk deel van de vrije kasstroom naar dividend en inkoop gaat, en wees extra scherp bij aandelen met een opvallend hoog dividendrendement.
  5. Combineer je berekening met een trendregel. Een verwacht rendement vertelt je wat een aandeel waard kan zijn, een trendvolgende methode helpt je bepalen wanneer je instapt en uitstapt.

Wie dit structureel wil leren, vindt bij Beleggen.com de educatie en de actieve strategieën die ik in mijn boeken 10 Stappen Succesvol Beleggen en Beter dan de Bank heb uitgewerkt. Daar laten we zien hoe je selectie, trendvolgen en risicobeheer samenbrengt tot één aanpak die past bij een ondernemer die zijn vermogen wil opbouwen en beschermen. Kijk gerust eens rond, en doe in ieder geval altijd je eigen onderzoek.

Bronnen

  1. Bogle, J.C. (2007). The Little Book of Common Sense Investing. John Wiley & Sons.
  2. Gordon, M.J. (1959). Dividends, Earnings, and Stock Prices. The Review of Economics and Statistics, 41(2), 99. 105.
  3. Campbell, J.Y. & Shiller, R.J. (1998). Valuation Ratios and the Long-Run Stock Market Outlook. The Journal of Portfolio Management, 24(2), 11. 26.
  4. Dimson, E., Marsh, P. & Staunton, M. (2002). Triumph of the Optimists: 101 Years of Global Investment Returns. Princeton University Press.
  5. Jegadeesh, N. & Titman, S. (1993). Returns to Buying Winners and Selling Losers: Implications for Stock Market Efficiency. The Journal of Finance, 48(1), 65. 91.
  6. Faber, M.T. (2007). A Quantitative Approach to Tactical Asset Allocation. The Journal of Wealth Management, 9(4), 69. 79.
  7. Shell plc. Kwartaalresultaten, jaarverslagen en presentatie Capital Markets Day (maart 2025). shell.com.
  8. Bloomberg, Fortune en CNBC. Berichtgeving over kwartaalcijfers van Alphabet en Amazon, Amerikaanse inflatie en Federal Reserve, oktober 2026.
  9. Van Wijk, H. 10 Stappen Succesvol Beleggen en Beter dan de Bank. Beleggen.com.

Webinar Persoonlijk Beleggingsplan — Zonder plan geen succes - stap 1 voor succesvol beleggen. Bekijk hier.

Disclaimer: Dit artikel is geschreven voor educatieve doeleinden en vormt geen beleggingsadvies of aanbeveling tot het doen van transacties. De informatie in dit artikel is met zorg samengesteld, maar Beleggen.com aanvaardt geen aansprakelijkheid voor onvolledigheid of onjuistheid. Beleggen brengt risico's met zich mee. Je kunt (een deel van) je inleg verliezen. Doe altijd je eigen onderzoek en raadpleeg een financieel adviseur voordat je beleggingsbeslissingen neemt.

Harmen van Wijk

Harmen van Wijk

Harmen van Wijk is oprichter van Beleggen.com en auteur van de boeken "In 10 Stappen Succesvol Beleggen", "Baby's Eerste Miljoen" en "Beter dan de Bank". Met meer dan 20 jaar ervaring in de beleggingswereld helpt hij Nederlandse en Belgische particuliere beleggers met praktische strategieën voor vermogensopbouw en financiële vrijheid.

LinkedIn logo icon
Youtube logo icon
Back to Blog
🔇 Klik voor geluid

De meest succesvolle beleggers delen één geheim.

Het staat niet in de krant. Het heeft niets met de beurs te maken. En vrijwel geen enkele particuliere belegger doet het.

In deze gratis training laat ik je precies zien wat het is, én hoe je het vandaag nog toepast.

👉 Meld je gratis aan:
Harmen van Wijk

Harmen van Wijk

Oprichter Beleggen.com · 38 jaar ervaring
124.000+ beleggers geholpen

→ Volledige bio
15–20% rendement per jaar
124K+ beleggers geholpen
38 jaar ervaring

Na mijn studie bedrijfseconomie werkte ik o.a. mee aan het opzetten van de beleggingssites van SNS Bank, de ABN Amro Turbo's en was ik sitemanager van De Financiële Telegraaf. Inmiddels help ik particuliere beleggers met bewezen strategieën.

Voormalig
SNS Bank · BinckBank · SNS FundCoach · ABN Amro Turbo's · De Financiële Telegraaf
Te zien & te horen bij
BNR Nieuwsradio Radio 1 Radio 2 EenVandaag Business Class Netwerk Rondom 10 FinanceTelevision
Auteur van o.a.

Of ontvang direct de 10 stappen:

Ontvang nu gratis

BeursBulletin Alerts B.V. | Beleggen.com | Beter Dan De Bank © 2026
​Algemene Voorwaarden | Privacy | Disclaimer | Inkomsten Disclaimer

TEL: 31352031867

KvK nr: 34244390
​​​ Huizermaatweg 31, 1273 NA Huizen, Nederland

Belangrijk om te weten — Beleggen.com biedt uitsluitend educatie en coaching aan particuliere beleggers. Wij verstrekken geen beleggingsadvies, vermogensbeheer of andere diensten waarvoor op grond van de Wet op het financieel toezicht (Wft) een vergunning of registratie vereist is. Beleggen.com beschikt daarom niet over een vergunning van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en valt niet onder AFM-toezicht. De informatie op deze website is algemeen van aard, niet toegesneden op uw persoonlijke situatie en kan niet worden beschouwd als een persoonlijke aanbeveling tot het kopen, verkopen of aanhouden van financiële instrumenten. Beleggen brengt risico's met zich mee; u kunt (een deel van) uw inleg verliezen. U bent zelf verantwoordelijk voor uw beleggingsbeslissingen.